Gestolen fietsen uit gemeenschappelijke ruimte

Geachte mevrouw, heer,

 

In het kader van een eerste gratis advies vraag ik uw aandacht voor het navolgende.

 

Uw Vraag

Uit de gemeenschappelijke ruimte zijn twee racefietsen gestolen, welke op slot stonden. Dit is zonder sporen van inbraak gebeurd. De afsluiting van de ruimte is zeer matig. U vermoed dat de dief daardoor de fietsen heeft kunnen stelen.

 

U wilt weten of de schade van deze diefstal op de verhuurder te verhalen is en of u de verhuurder kunt verplichten om de situatie veiliger te maken.

 

Antwoord

De verhuurder kan voor de gevolgschade aansprakelijk zijn als de verhuurder voor het gebrek een verwijt kan worden gemaakt. Dit kan aan de orde komen als de verhuurder gebrekkig onderhoud heeft gepleegd of het onderhoud niet correct uit heeft laten voeren en/of als de controle, zorg, etc. ten aanzien van het gehuurde onvoldoende is geweest.

 

Wel dient de verhuurder te zijn aangesproken op het gebrek door de huurder. U dient de verhuurder in gebreke te hebben gesteld. Dit betekent dat u hem, het liefst schriftelijk, een termijn dient te hebben gesteld waarbinnen de afsluiting van de gezamenlijke ruimte in orde moest zijn. Hierbij ga ik ervan uit dat de gezamenlijke ruimte een onderdeel is van de huurovereenkomst.

 

Advies

Als u de verhuurder in gebreke heeft gesteld, maar hij verzuimd heeft te handelen, dan kunt u hem aanspreken voor de gevolgschade (de restwaarde van de fietsen). U geeft echter aan dat er geen sporen zijn van braak. Het is dan ook de vraag of de dief door het gebrek de fietsen heeft kunnen stelen of dat iemand hem toegang heeft verschaft. U draagt hierbij de bewijslast. Afhankelijk van wat u kunt bewijzen en of u de verhuurder in gebreke heeft gesteld, kunt u de verhuurder aansprakelijk stellen.

 

Los van de aansprakelijkheid voor de diefstal van de fietsen kunt u de verhuurder in ieder geval alsnog aanspreken op de slechte afsluiting van de gezamenlijke ruimte. U dient hem dan in gebreke te stellen. Indien de verhuurder weigert te herstellen, dan kunt u het herstel zelf uitvoeren. De huurder mag conform het gestelde in artikel 7:206 lid 3 BW gebreken zelf verhelpen als de verhuurder met herstel van de gebreken in verzuim is. De kosten van herstel mag u op de verhuurder verhalen, eventueel door die met de huur te verrekenen.

U doet er bij twijfel of de verhuurder tot het verhelpen van het gebrek verplicht is verstandig aan om u voorafgaand aan het herstel door de rechter te laten machtigen tot het plegen van het gevorderde onderhoud. U vermijdt dan het risico dat achteraf wordt geconstateerd dat u de kosten van herstel ten onrechte op de huur in mindering heeft gebracht, met als mogelijk gevolg beëindiging van de huur. In het normale geval van een gebrek waarvan het herstel geen aanzienlijke kosten vergt, is dit risico veel geringer. Ook als blijkt dat u de kosten ten onrechte op de huur heeft ingehouden, zal het meestal niet tot beëindiging van de huur kunnen komen, omdat de huurachterstand relatief gering zal zijn. De rechter kan u ook nog een termijn geven waarbinnen de huurder alsnog aan zijn verplichtingen zal kunnen voldoen (têrme de grace).

 

Tot slot

Ik ga ervan uit u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

 

Met vriendelijke groet,

 

Huurgeschil.nl