4b. Hotel, cafébedrijf of restaurant

Het hotel-, restaurant- en cafébedrijf is afzonderlijk genoemd, omdat dit naar het spraakgebruik niet onder detailhandel valt. Wordt het gehuurde gebruikt voor dit soort bedrijven, dan valt het gehuurde onder de regeling van artikel 7:290 BW. Voor het hotelbedrijf is een publiek toegankelijk lokaal geen vereiste. Een nadere overweging hiervoor is dat een hotel dat uitsluitend hotelkamers verhuurt geen publiek toegankelijk lokaal hoeft te hebben, maar wel onder de regeling dient te vallen Noot 17.

De huurder van twee etages waarin een Bed & Breakfast werd geëxploiteerd werd niet geacht woonruimte te huren. Evenmin werd de huurder geacht bedrijfsruimte ex artikel 7:290 BW te huren. Dit werd bevestigd in het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 2 februari 2017 ECLI:NL:RBAMS:2017:770. De huurder had een vergunning voor de duur van 10 jaar voor ‘short stay’ verhuring van deze woonruimte. Voorwaarden voor de verhuur in het kader van deze vergunning zijn onder meer: de periode van verhuur moet minimaal zeven dagen aaneensluitend zijn en maximaal zes maanden; de woning moet bewoond worden door één huishouden, bestaande uit een alleenstaande of twee personen, al dan niet met kinderen. Op een gegeven moment werd de huurovereenkomst opgezegd wegens een huurachterstand en wegens onbehoorlijk gebruik van het gehuurde. De kantonrechter oordeelde allereerst dat de regeling van woonruimte op deze overeenkomst niet van toepassing was. Volgens de kantonrechter is het de bedoeling van partijen geweest de woonruimte bedrijfsmatig te gebruiken voor verhuring. Voorts was er geen sprake van artikel 7:232 BW huurovereenkomsten nu de huurder zelf de woning niet voor tijdelijke bewoning gebruikte. Met de onderhuurders sloot deze onderverhuurder wél overeenkomsten die als artikel 7:232 BW huurovereenkomsten aangemerkt konden worden.
De kantonrechter was van oordeel dat er ook geen sprake was van bedrijfsruimte als bedoeld in artikel 7:290 lid 2 onder a BW. In het gehuurde was niet een voor het publiek toegankelijk lokaal aanwezig voor de levering van goederen of dienstverlening. Er was geen receptie voor de ontvangst van (potentiële) klanten en er werd geen service verleend, zoals verstrekking van maaltijden en/of drankjes en dagelijkse schoonmaak. Ook was er geen sprake van de uitoefening van een hotelbedrijf, als bedoeld in artikel 7:290 lid 2 onder c BW. Weliswaar werd er volgens de kantonrechter logies van niet duurzame aard verstrekt, maar essentiële elementen van de bij een hotel behorende dienstverlening (receptie, dagelijkse schoonmaak, ontbijtvoorziening) ontbraken. De conclusie luidde daarom dat sprake was van een huurovereenkomst waarop artikel 7:230a BW van toepassing was. De huurovereenkomst was daarom door opzegging beëindigd.

Een kantine zou wel onder de regeling kunnen vallen. Een bedrijfskantine voldoet veelal niet aan de eisen, omdat een voor het publiek toegankelijk lokaal ontbreekt. Een kantine op een voetbalveld daarentegen zou wel onder de regeling kunnen vallen Noot 18. De lunchvoorziening in Mediapark is weliswaar gelegen op een afgesloten terrein en ziet er uit als bedrijfskantine, maar het grote aantal bezoekers ontneemt aan deze bedrijfsruimte het karakter van beslotenheid. Noot 19