Door afwijkende levensstijl hoeft niet iedere vorm van overlast te worden vermeden

Volgens de rechtspraak kan niet iedere vorm van overlast worden vermeden en mag een bewoner een afwijkende levensstijl ten opzichte van de andere bewoners hebben. Een en ander neemt niet weg dat de huurder met een afwijkende levensstijl zich zodanig dient te gedragen dat overlast tot een minimum wordt beperkt. Noot 46
In bovengenoemde uitspraak was er sprake van een gehandicapte jonge vrouw die in een benedenwoning woonde die voor haar rolstoel was aangepast. De overige bewoners waren vaak oudere bewoners. Deze oudere bewoners ondervonden overlast in de vorm van dichtslaan van autoportieren, het luid praten in en buiten de woning, het horen van contactgeluiden in de woning (geluiden veroorzaakt met de stok). Deze overlast deed zich vaak voor bij het thuisbrengen van de huurder in het weekeinde. Hierbij werd tijdens de nachtelijke uren een half uur tot drie kwartier luid gesproken. Verder begon de hond van de huurder bij thuiskomst te blaffen en te janken. De hond werd ook wel eens een weekend alleen gelaten. Gedurende deze periode was de hond dan aan een stuk door aan het blaffen en het janken. Deze overlast deed zich voor tijdens de avond- en de voor de nachtrust bestemde uren.De Hoge Raad heeft de vordering van de verhuurder afgewezen, omdat de overlast voornamelijk normale woongeluiden betrof. De normale woongeluiden werden door de gehorigheid van de woning makkelijk aan de andere bewoners doorgegeven. De huurder viel niets te verwijten, omdat haar leefpatroon weliswaar van de andere bewoners afweek, maar zij door dit andere leefpatroon niet meer overlast dan noodzakelijk veroorzaakte Verder werden de van buiten afkomstige geluiden veroorzaakt door derden over wie de huurder geen zeggenschap had en van wie zij gedeeltelijk afhankelijk was. De Hoge Raad oordeelde voorts dat bij gehorigheid van het gehuurde, de huurder door de verhuurder bij aanvang van de huurovereenkomst extra beperkingen op kan worden gelegd om omwonenden te ontzien. De verhuurder had de huurder bij aanvang van de huurovereenkomst geen speciale verplichtingen opgelegd, zodat de huurder in deze concrete situatie niets viel te verwijten.