Derdenbeding in het kader van overdragen van zaken in het gehuurde door de huurder

Het is wel mogelijk om via een derdenbeding het wegneemrecht aan de volgende huurder te leveren. Dit is een gunst en geen last. Van de regel van artikel 7:242 BW jo artikel 7:217 BW kan immers wel ten gunste van de huurder en niet in het nadeel van de huurder worden afgeweken. De huurder meent immers belang bij deze overgenomen zaken te hebben. De huurder kan immers ook verlangen de overeenkomst te sluiten zonder deze zaken en zonder onderhoudsverplichting en verplichting tot verwijdering van deze zaken bij het einde van de overeenkomst. De huurder wordt bij het sluiten van een dergelijk beding ook verantwoordelijk voor het onderhoud van de overgenomen zaak. De vertrekkende huurder (stipulator) en de verhuurder (promissor) sluiten een overeenkomst met de opvolgende huurder (derde) dat deze een eigen recht wordt toegekend om het wegneemrecht van de vertrekkende huurder jegens de verhuurder geldend te maken. Door aanvaarding van dit beding wordt de opvolgend huurder partij en kan hij uit dien hoofde zijn wegneemrecht jegens de verhuurder geldend maken. Er is dan sprake van een contractueel wegneemrecht in plaats van een wettelijk wegneemrecht. Het lijkt mij logisch dat de verhuurder de huurder wél van de verwijderingskosten van deze zaken op de hoogte brengt. Doet de verhuurder dat niet, dan kan de verhuurder niet alle verwijderingskosten bij de huurder claimen. Hierbij geldt dan de jurisprudentie die gold met betrekking tot de wetgeving, die tot en met 2003 van toepassing was.