Verschuldigd voorschot door beide partijen

De regeling tot en met 2018
Voor het doen van een uitspraak is betaling van een voorschot verschuldigd door de verzoeker. Een huurder van woonruimte betrokken bij een procedure bij de huurcommissie is altijd een natuurlijk persoon. De verhuurder is vaak een rechtspersoon, voor wie het legestarief van € 450 geldt. De hoogte van de leges wordt bepaald door het gegeven of de partij die de vergoeding is verschuldigd huurder (leges € 25) dan wel verhuurder (leges € 450) is. Indien een verhuurder aantoont dat hij een natuurlijke persoon is, is hij dezelfde vergoeding verschuldigd als een huurder (leges € 25). De gegevens waarmee de verhuurder kan aantonen dat hij een natuurlijke persoon is, zijn, op grond van artikel 7 lid 1 UHW, en artikel 8 UHW vastgelegd in artikel 12a van de Uitvoeringsregeling-huurprijzen woonruimte . De bedragen staan vermeld in artikel 4 Besluit huurprijzen woonruimte.

De regeling vanaf 1 januari 2019
Het onderscheid tussen verhurende rechtspersonen en natuurlijke personen verdwijnt in 2019. De hiervoor genoemde rechtspersonen (zoals stichtingen, verenigingen en bv’s) betaalden tot en met 2018 € 450 aan leges en natuurlijke personen € 25 In de plaats daarvoor komt voor verhuurders één basistarief: € 300,-.

Vanaf 1 januari 2019 wordt op grond van de wet (artikel 7 Uhw) een gedifferentieerd legestarief opgelegd aan een verhuurder die binnen een tijdsbestek van drie kalenderjaren twee keer of vaker in het ongelijk wordt gesteld bij een geschil over de aanvangshuur of all-in huren. De verhuurder zal vanaf de derde keer het hogere tarief van € 1.400 moeten betalen.

De verhuurders zijn jaarlijks een verhuurderbijdrage verschuldigd voor het werk van de Huurcommissie. Dit is het gevolg van een wijziging van de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte (artikel 8e UHW). De bijdrage geldt voor verhuurders die op 1 januari 2017 meer dan 50 huurwoningen hadden met een huur onder € 710,68. Verhuurders betalen een vast tarief per woning, waarbij de eerste 50 woningen niet meetellen. Voor 2018 is het tarief € 2,36 per woning. Voor een verhuurder met 1000 huurwoningen komt dit dus neer op € 2.242,-. Voor alle duidelijkheid maak ik duidelijk dat de verhuurderbijdrage een andere post is dan de verhuurderheffing. Deze laatste heffing is een miljardenbelasting die verhuurders aan het rijk betalen.

De Huurcommissie doet uitspraak over het verzoek en bepaalt uiteindelijk wie van de partijen in het gelijk wordt gesteld. Stelt de Huurcommissie de indiener van het verzoek in het gelijk? Dan krijgt de indiener de betaalde leges na de uitspraak van de Huurcommissie terug. Is de verzoeker in het ongelijk gesteld, dan krijgt deze het geld niet terug. De verhuurder dient zich te realiseren dat het uitlokken van uitspraken door de Huurcommissie een prijzige aangelegenheid kan zijn.

De huurder betaalt voor het aanhangig maken van een zaak € 25, terwijl de verhuurder (rechtspersoon) vooralsnog niets in rekening wordt gebracht. Wordt de huurder vervolgens in het gelijk gesteld, dan krijgt hij de door hem betaalde leges terug. De verhuurder (de rechtspersoon, een vereniging, een coöperatie, een onderlinge waarborgmaatschappij, een NV of een BV) moet dan als de verliezende partij een legesbedrag betalen van € 450 (2018) € 300 (2019, gedifferentieerd legestarief). De hoogte van dit bedrag verbaast mij enigszins.

Deze kosten zijn immers hoger dan de griffiekosten voor het aanhangig maken van een zaak bij de rechtbank, civiele griffie, kantonzaken! Dit kan dus aardig in de papieren lopen als de verhuurder door een ondoordachte actie door een reeks van zaken bij de Huurcommissie wordt geconfronteerd. Dit geldt eens te meer nu de Huurcommissie laagdrempelig is en huurders snel geneigd zijn deze instantie bij enige onvrede met de gang van zaken te raadplegen. Er bestaat vrijwel geen financieel risico voor de huurder om een procedure voor de Huurcommissie te starten, terwijl een dergelijke procedure voor de verhuurder vanwege het kostenaspect heel onvoordelig uit kan pakken.

Mocht de verhuurder de procedure bij de Huurcommissie hebben verloren, dan zal deze doorgaans worden veroordeeld in betaling van de kosten van de leges.